Uw bedrijf
Uw bedrijfspand, en alles wat zich daarin en -omheen bevindt, vertegenwoordigt waarschijnlijk een enorme waarde voor uw onderneming. Gaat veel daarvan verloren bij bijvoorbeeld brand, dan kan dat het voortbestaan van uw bedrijf ernstig in gevaar brengen. Hoe verzekert u zich tegen dit risico?
Bedrijfsschade (inhoud)
Uw bedrijfseigendommen kunt u verzekeren tegen brand, diefstal of waterschade. Net als de spullen in uw woning, vertegenwoordigen uw bedrijfsapparatuur, machines en meubilair bij elkaar opgeteld een grote waarde. Met een goede verzekering zorgt u ervoor dat de financiële schade van beschadiging of verlies beperkt blijft. Het is echter ook belangrijk is dat u zich verzekert tegen de kosten die een schadegebeurtenis heeft voor uw bedrijfscontinuïteit.
Bedrijfscontinuïteit
Als in een bedrijf brand uitbreekt, dan levert dat schade op aan de eigendommen. Als door de brand het productieproces stagneert en de bedrijfscontinuïteit in gevaar komt, kan de schade nóg groter zijn. Bovendien lopen de vaste lasten door, terwijl de onderneming een flink deel van zijn inkomsten mist. Dus ondanks dat een verzekering uw inventaris of bedrijfsgebouw volledig vergoedt, kan de impact van de schade enorm zijn.
Bedrijfsschadeverzekering
Met een bedrijfsschadeverzekering beperkt u het financiële risico van schadegebeurtenissen als brand, ontploffing, inbraak of waterschade. Als de bedrijfsschade gepaard gaat met vermindering of stagnatie van de productie, dekt deze verzekering de financiële gevolgen af. Geen overbodige luxe: uit onderzoek is gebleken dat ongeveer de helft van de bedrijven die met een grote brand geconfronteerd wordt, failliet gaat omdat er geen bedrijfsschadeverzekering is afgesloten.
De premie van de bedrijfsschadeverzekering is afhankelijk van de verzekerde som, de uitkeringstermijn en de dekking. De verzekerde som is gebaseerd op de vaste lasten en de nettowinst van de onderneming, gemeten over de gekozen uitkeringstermijn. Om het risico op onder- of oververzekering te voorkomen, is bij de meeste bedrijfsschadeverzekeringen een increase-/decrease clausule in de polis opgenomen. Mocht na schade blijken dat de uitkering ontoereikend is, dan kan het verzekerd bedrag tegen premiebijbetaling met maximaal 30 procent worden verhoogd. Andersom kan de premie met terugwerkende kracht verlaagd worden als na schade het verzekerd bedrag juist te hóóg bleek te zijn.
Voor ondernemingen die afhankelijk zijn van het productieproces, is het belangrijk maatregelen te treffen om dat proces te beschermen. Een bedrijfsschadeverzekering kan daar een wezenlijk onderdeel van zijn.
Of een bedrijfsschadeverzekering voor uw onderneming noodzakelijk is, hangt af van uw specifieke bedrijfssituatie. U kunt zelf de hoogte van het verzekerde bedrag bepalen en heeft daarmee de premiekosten grotendeels in eigen hand.
Bedrijfsgebouw(en)
Als eigenaar van een bedrijfspand verzekert u het pand tegen schade, ongeacht of u het zelf gebruikt of het verhuurt. Veelal stellen financiers een gebouwenverzekering verplicht, maar ook wanneer u de aankoop bijvoorbeeld zelf heeft gefinancierd, is een gebouwenverzekering vrijwel onmisbaar. Een gebouwenverzekering wordt ook wel brand- of opstalverzekering genoemd.
Een gebouwenverzekering dekt in ieder geval het risico van brand-, roet- en rookschade. Het is mogelijk om voor een uitgebreide dekking te kiezen. In dat geval zijn ook de gevolgen van storm, inbraak en bepaalde vormen van waterschade gedekt. Behalve het gebouw zijn meestal de fundamenten, bijgebouwen en zaken als schuttingen en zonweringen verzekerd.
Het verzekerd bedrag is doorgaans gelijk aan de volledige herbouwwaarde van het pand. Voor bijzondere gebouwen, zoals monumenten, kunnen bijzondere voorwaarden gelden.
Een gebouwenverzekering is bedoeld voor eigenaren van bedrijfspanden, die het pand in eigen gebruik hebben of verhuren. Daarbij gaat het niet alleen om ondernemingen, maar bijvoorbeeld ook om overheidsinstanties, nutsinstellingen en woningbouwverenigingen.
Een gebouwenverzekering is vrijwel onmisbaar voor elke eigenaar van een bedrijfspand.
Aardbevingen en overstromingen
Uw bedrijfsgebouw(en) en inboedel vertegenwoordigen bij elkaar opgeteld een flinke waarde. Een goede gebouwen- en inboedelverzekering dekt schade veroorzaakt door gebeurtenissen die specifiek ter plaatste kunnen ontstaan, zoals een brand, een inbraak of breuk van een waterleiding. Er zijn ook gevaren die collectief tot schade kunnen leiden.
Doet zich een collectief gevaar voor, dan kan een hele regio getroffen worden of zelfs een groot gebiedsdeel. Er is dan sprake van een ramp die zowel particulieren als het bedrijfsleven en de overheidsinstellingen zelf treft. Voorbeelden daarvan zijn:
- Overstroming van buitenaf na een wolkbreuk
- Overstroming door zoet of zout water na breuk van een waterkering
- Overstroming van een waterkering zonder dat een breuk heeft plaatsgevonden (een vloed)
- Kruiend ijs op grote waterwegen en/of meren
- Aardbeving
- Aardschokken in wingebieden voor aardgas of aardolie
- Terrorisme
- Storm
- Hagel
Stormschade en schade door hagelstenen zijn weliswaar collectieve gevaren, maar worden doorgaans wel gedekt door een goede gebouwen- en inboedelverzekering.
Uitgesloten collectieve gevaren
Andere ‘collectieve’ gevaren worden door verzekeraars meestal nadrukkelijk uitgesloten van deze verzekeringsvormen.
Het verzekeren tegen schade veroorzaakt door een collectief gevaar is in Nederland lange tijd niet mogelijk geweest. Probleem is immers dat als velen schade lijden als gevolg van dezelfde gebeurtenis, de schadelasten ver uitgaan boven de financiële draagkracht van verzekeraars.
In 1994 is daarvoor een oplossing gevonden in de vorm van een catastrofeverzekering. Deze polis dekt alle (colledtief geleden) schade aan de verzekerde gebouwen en inhoud tot maximaal 25%, met een maximum van 250.000 euro per gebeurtenis.
Bij hogere waarden dekt de polis dus nooit meer schade dan dat absolute maximum. Wie veel bezit te verzekeren heeft, kan zich slechts verzekeren van een fractie van de waarde. Sinds 1998 is de Wet Financiële Tegemoetkoming bij Rampen en Ongelukken van kracht. Die wet was eigenlijk een concurrent van de eerder beschreven verzekeringsvorm tegen schade door collectieve gevaren.
Persbericht
Op 23 juni 2006 heeft het ministerie van Algemene Zaken bekend gemaakt dat de genoemde wet als volgt is gewijzigd:
“Slachtoffers van een ramp krijgen van de overheid alleen nog een financiële tegemoetkoming voor de opgelopen schade als ze zich tegen die schade redelijkerwijs niet konden verzekeren, de schade niet elders kunnen verhalen en de schade niet aan eigen schuld te wijten is. Wanneer mensen zich om welke reden dan ook niet verzekeren terwijl dat wel mogelijk was, past het niet om de gevolgen van die keuze zonder meer voor rekening van de samenleving te laten komen.”
Een catastrofeverzekering is voor iedere ondernemer een aanrader. Zeker als men zich bedenkt dat van overheidswege of van een rampenfonds geen vergoeding meer wordt verstrekt tenzij men zelf kan aantonen dat het risico geheel of gedeeltelijk niet verzekerbaar was.
Grote schade aan eigendommen zoals gebouwen en inboedel is voor de meeste ondernemers een te hoge kostenpost om zelf op te vangen. Een catastrofeverzekering is al gauw het overwegen meer dan waard.



